Column Carien Karsten
Mr. dr. Carien Karsten is werkzaam als psychotherapeut en als consultant, verbonden aan Prometheus, een organisatie voor preventie, behandeling en reďntegratie bij burnout. Voorheen was Carien werkzaam bij De Meren, een organisatie voor regionale, academische en forensische geestelijke gezondheidszorg in Amsterdam Z-O. Carien combineerde de studie Nederlands Recht met de studie Klinische Psychologie aan de Universiteit in Groningen en behaalde haar doctorsgraad aan de Universiteit van Amsterdam. Behalve als onderzoeker heeft Carien meer dan 15 jaar ervaring in zowel de verslavingszorg als de ambulante en klinische geestelijke gezondheidszorg. Zij staat als psychotherapeut en gezondheidszorg psycholoog geregistreerd in het BIG-register.
Carien geeft preventiecursussen werkstress aan managers en werknemers en coacht werknemers en werkgevers die met burnout te maken hebben. Zij heeft veel ervaring opgedaan met het onderkennen en behandelen van burnout.
Carien is auteur van o.a. het boek 'Omgaan met Burnout, preventie, hulp en reďntegratie', zie ook de recensie op deze site. De burnouttest van dr Beverly Potter is door Carien Karsten in het Nederlands vertaald, klik hier voor de burnouttest.
Carien schrijft wekelijks, exclusief voor deze site, haar columns. Zij verbindt theorie uit actuele boeken, o.a. over de neurobiologie, met voorvallen die zij in de praktijk vaak tegenkomt. Vanaf medio januari 2001 zijn dezelfde columns ook te lezen op de site van CVWizard.
E-mail Carien Karsten? Klik hier.
Het is mogelijk dat Carien gebruik maakt van binnengekomen emails voor het schrijven van een column. Carien zal op volstrekt anonieme wijze van deze informatie gebruik maken, met als doel dat anderen er wat aan hebben.
Tip: Martin Simek in gesprek met Carien Karsten, een aflevering van het programma Kleur bekennen. In het kader van de RVU Themamaand "werkdruk en stress", is op vrijdag 22 september 2000, dit gesprek uitgezonden. Luisteren (via RealPlayer)? Klik hier!.
Carien is inmiddels gestart met haar eigen website, http://www.carienkarsten.nl.
Carien heeft sinds kort ook een eigen vragenrubriek op de website van psychologiemagazine.
Tip: Lees de ervaringen en bekijk de foto's van Carien Karsten over haar reis naar Australia.
[ Vorige | Begin | Totaaloverzicht | Volgende ]
- 31-08-2010 - Vijf tips voor het afrekenen met faalangst
- 29-04-2010 - Je collega
- 06-04-2010 - Het hele weekend hoofdpijn
- 01-03-2010 - De alleskunner stort in
- 07-12-2009 - Gezonde stress is lekker en ...
31-08-2010 - Vijf tips voor het afrekenen met faalangst
Bianca, een Engelse vrouw van eind dertig, werkt al een jaar of vijf bij een multinational. Ze is manager van een financiële afdeling. Een paar keer per jaar moet ze in de V.S de prestaties en plannen van haar afdeling presenteren. Ze maakt een Powerpointpresentatie, maar heeft de grootste moeite een toelichting te geven. Vroeger liet ze daarom een ondergeschikte de presentatie doen, maar haar chef waarschuwde haar dat ze te weinig zichtbaar was in de organisatie. Als ze promotie wilde maken, moest ze leren zichzelf en haar afdeling goed naar voren te brengen.
Zoals een boog gespannen moet zijn om een pijl af te schieten., heb je spanning nodig om te kunnen presteren. Maar soms slaat spanning om in angst en is deze zo heftig dat je lichaam dienst weigert.
Twintig procent van de middelbare scholieren heeft last van faalangst . Juist omdat ze bang zijn tekort te schieten, leidt dit vaak tot onderprestatie. Volwassenen hebben er iets minder last van. Toch worstelt nog steeds tussen de tien en twintig procent met faalangst. Waar komt deze angst vandaan?
Leren door te vallen
Denk eens terug aan hoe je heb leren lopen als peuter. Je trok jezelf op, leerde staan ...en plofte neer. Aarzelend en trots deed je je eerste passen. Het was helemaal niet erg als je viel, je vader en moeder vonden je geweldig en moedigden je aan. Toe maar, probeer het nog maar een keer. Kirrend van enthousiasme liep je in de twee uitgespreide armen voor je. Steeds iets verder, aangemoedigd door de anderen. Geweldig toch, wat je presteerde?
Het vanzelfsprekende applaus neemt af als je ouder wordt. Een kritische ouder, een spreekbeurt die mislukt, blozen voor de klas, dyslexie, het kan allemaal je zelfvertrouwen ondermijnen. Als deze ervaringen leiden tot negatieve gedachten - bijvoorbeeld dat wat je zegt voor niemand interessant is - kan dat leiden tot faalangst. Als volwassene moet je bovendien van jezelf iets onmiddellijk goed kunnen. Iets niet goed kunnen staat gelijk aan afgaan.
Wat kan helpen als je bang bent te falen?
1. Stop de innerlijke criticus
Noteer je faalangstgedachten en daag ze een voor een uit. Wie zegt eigenlijk dat je een sukkel bent? Dat je dat vroeger te horen kreeg van je vader, wil niet zeggen dat het waar is. Ook al maak je fouten, je bent oké zoals je bent.
2. Herschrijf je geschiedenis
Als je in de vakantie tijd hebt, herschrijf dan eens je verleden. In plaats van de kritiek die je kreeg, krijg je complimenten voor de leuke dingen die je maakte, het opstel dat je schreef, de manier waarop je rekensommen oploste. Maak er de jeugd van die je graag had willen hebben.
3. Geef niet op
Als je echt graag iets wil bereiken, bijvoorbeeld iets nieuws leren of je anders gedragen, geef niet op. Zie jezelf als de peuter die valt en het steeds opnieuw probeert. Heb plezier in wat je doet en niet om wat het je oplevert.
4. Vertrouw op je eigen kracht
De mensen die van zichzelf uitgaan, herstellen sneller van een tegenslag of liefdesverdriet. Breng in kaart wat je sterke en zwakke kanten zijn. Besef dat je om hulp mag vragen wanneer je ergens niet zo goed in bent. Daardoor word je niet weggevaagd, je sterke kanten blijven staan.
5. Kijk wat meer vooruit
Als peuter leerde je niet te lopen door steeds maar stil te staan bij het vallen. Nee, je keek vooruit naar de armen voor je. Teveel stilstaan bij je belemmeringen, bij je fouten remt je af. Probeer meer tijd te besteden aan wat voor je ligt en wat je wil.
Kijk welke tip je het meest aanspreekt en oefen ermee. Bianca beleefde het meeste plezier aan het herschrijven van haar geschiedenis. Een succesverhaal maken van je verleden kan je bevrijden van overbodige ballast, je leert kritische en soms destructieve opvattingen te relativeren en word je bewust van het feit dat je het nu zelf voor het zeggen hebt.
De aandoening autisme roept meteen associaties op met de film Rain Man, waarin Raymond in een eigen wereld leeft, nauwelijks contact maakt en sterk hecht aan vaste gewoonten en rituelen. Hij neemt alles letterlijk. Op de vraag hoe het was om voor het eerst gezoend te worden, zegt hij: nat. Hij kan zich niet verplaatsen in de behoeften van anderen en voelt niet aan iemand bijvoorbeeld een schouderklopje wil. Raymonds bovenlichaam gaat soms ritmisch heen en weer. Hij wekt daarmee de indruk zwakbegaafd te zijn, maar blijkt in werkelijkheid hoogbegaafd. Als een doosje met een paar honderd tandenstokers op de grond valt, ziet hij in een oogopslag hoeveel het er zijn. Mensen met een stoornis in het autistische spectrum, zoals Asperger, hebben een sociale beperking maar zijn bepaald niet dom. Ze studeren en vinden over het algemeen een goede baan, soms zelfs een leidinggevende functie. Ze blinken uit in IT-functies en werk met getallen. Het is echter niet altijd makkelijk om met autisten om te gaan. Bij collega's roepen ze vaak weerstand op. ‘Ik heb op mijn werk een baas met autistische trekjes', zegt John, een radiojournalist ‘Hij heeft geen flauw benul van wat er in de omgeving omgaat en is niet gevoelig voor de behoeften van de markt. Vernieuwing is uit den boze en als het zo doorgaat, haalt hij ons marktaandeel onderuit. Het baart me zorgen dat alleen mijn programma bovengemiddeld scoort.' Johns baas zit het merendeel van de dag met de deur dicht achter zijn computer. De vitrinekasten in zijn luxe werkkamer staan vol met modeltreinen. ‘Dat is zijn hobby', smaalt John. ‘Hij zou bij het spoor moeten gaan werken, hij heeft meer met treinen dan met mensen.' Maar hoe komt zo'n man dan op zo'n plek? ‘Hij is geweldig met cijfers, weet de kosten te drukken en aandeelhouders kunnen op hem bouwen.'
Omgaan met autisten
Het contact met je autistische collega of baas wordt waarschijnlijk een stuk beter als je je in zijn wereld probeert in te leven. Stel je voor dat je een blinddoek op hebt (dus geen lichaamstaal ziet) en alles letterlijk neemt wat de ander zegt. Alleen met logisch nadenken kom je erachter wat hij bedoelt. Je zult zien dat dit redeneren om tot oplossingen te komen tijd vreet en uiterst vermoeiend is. De les hieruit: wees duidelijk en zo min mogelijk dubbelzinnig tegen je autistische collega of baas. Bied structuur en beperk onverwachte prikkels. Geef ruimte voor wat zonderling gedrag. Als niet-autist kun je je namelijk wel verplaatsen in zijn wereld, maar omgekeerd is dat de autist door de stoornis in zijn hersenen niet gegeven. Verder is het belangrijk je te realiseren dat je in de relatie met deze collega of leidinggevende altijd erkenning en waardering zult missen. John ontdekte dat hij gefrustreerd was, omdat hij nooit een compliment kreeg voor zijn goedlopende programma. Wat hij kan doen, is zelf een taart meenemen om het succes te vieren. Vernieuwing is een probleem voor de autist die hecht aan routine en wars is van verandering. Overval hem daarom nooit met briljante ingevingen, maar presenteer je idee op een vast moment, bijvoorbeeld in een jaarplan. Betrek hem er vervolgens bij door op financieel of ander gebied input te vragen.
Lees meer
Test op psychologiemagazine.nl of je zelf autistische trekjes hebt.
Op 2 april 2010 is het Wereldautistendag. Tot 10 april vinden allerlei activiteiten plaats om mensen meer bewust te maken van autisme (Zie: www.autismeweek.nl).
Leestip: Maxine C, Aston (2009) Werken aan je aspergerrelatie, Uitgeverij Nieuwezijds
(Staat ook op Intermediair.nl)
06-04-2010 - Het hele weekend hoofdpijn
André heeft een zwaar beroep, hij is vrachtwagenmonteur. Maar hij werkt met plezier, zijn baas is oké en met zijn collega's maakt hij graag geintjes. Het is hem een raadsel waarom hij iedere zaterdagochtend met zware hoofdpijn wakker wordt. Minder laat opstaan, of eerder op de ochtend koffie drinken; het helpt allemaal niets. Zijn huisarts vraagt uitgebreid naar spanningen, thuis en op het werk. De hoofdpijn wordt volgens André erger als hij huishoudelijk werk doet, maar verdwijnt niet als hij daarmee stopt. Ook met de Ibuprofen en paracetamol die de dokter voorschrijft, nemen zijn klachten niet af. Door zijn weekendhoofdpijn begint André steeds vermoeider aan de nieuwe werkweek.
Vier keer hoofdpijn
Om hoofdpijn goed te kunnen behandelen, is het van belang te weten om welke variant het gaat. Je hebt er vier:
- Spanningshoofdpijn
- Clusterhoofdpijn
- Migraine
- Chronische hoofdpijn.
Tegen spanningshoofdpijn gaat medicatie vaak niet verder dan een paracetamolletje, bij alle andere vormen heeft het zin om bij de arts langs te gaan voor specifieke behandeling.
Clusterhoofdpijn, de ergste vorm, concentreert zich vaak in periodes van enkele weken en komt vooral voor bij mannen. Veel patiënten roken en leiden een stressvol leven. De pijn wordt waarschijnlijk veroorzaakt doordat een deel van het zenuwstelsel faalt, maar heeft ook een psychische component.
Vrouwen hebben vaker last van migraine. Aanvallen kunnen gepaard gaan met misselijkheid, overgeven, overgevoeligheid voor licht en geluid en het zien van aura's. Recent onderzoek van hoogleraar neurologie Michel Ferrari toont aan dat erfelijkheid een belangrijke rol speelt: hij ontdekte recent een gen voor migraine.
Chronische hoofdpijn kan deel uitmaken van ziektes zoals whiplash en wordt ook vaak veroorzaakt door het innemen van pijnstillers.
André zou een vorm van clusterhoofdpijn kunnen hebben omdat de pijn bij hem opkomt als er iets verandert in de druk waaraan hij blootstaat. Hij verheugt zich bijvoorbeeld niet meer op het weekend, maar is vrijdag al bang dat de hoofdpijn de volgende dag zal toeslaan.
Dagboek bijhouden
Hoe ga je om met het psychische aspect van deze lichamelijke kwaal? Om meer greep te krijgen op hoofdpijn kun je een dagboek bijhouden. Wanneer ontstaat de pijn? Zo kun je achterhalen of voeding, drinken, tijd van opstaan, afspraken of activiteiten een rol spelen. Noteer ook wat de gevolgen zijn van de hoofdpijn: misschien zijn er voordelen aan je klacht verbonden? Bij André blijkt dat zo te zijn. Zijn vrouw ontziet hem als hij hoofdpijn heeft: hij hoeft dan geen huishoudelijk werk te doen. Als André deze functionele kant van zijn klacht inziet, organiseert hij in overleg met zijn vrouw zijn weekenden anders. Voor het huishouden schakelen ze hulp in. Hiermee ondermijnt hij de functie van zijn klacht. Hij hoeft nu geen hoofdpijn meer te krijgen om met de klusjes in huis te kunnen stoppen. Ook zijn vrouw is blij dat het probleem hiermee is opgelost. Maar of het daaraan gelegen heeft? Hij is ook gestopt met roken en dat zou net zo goed een verklaring kunnen zijn voor het verdwijnen van zijn klacht...
(Deze column staat ook op Intermediair.nl)
01-03-2010 - De alleskunner stort in
Het verhaal van Danya
Danya is een jonge, opgewekte hoogopgeleide vrouw die als trainee in dienst is bij een trainingsbureau. Na een hbo-opleiding studeerde ze cum laude af in sociologie. Je hoort haar nooit klagen over te veel werk. Ze heeft zoveel energie dat ze nooit prioriteiten hoeft te stellen. Ze krijgt gewoon alles af en verbaast zich over collega's die in het weekend trainingen moeten voorbereiden. Dan raakt ze ongepland zwanger. Ze is er niet onverdeeld blij mee, maar het is niet anders en na een makkelijke zwangerschap wordt haar zoon geboren. Vanaf die tijd maakt ze een uitgeputte indruk. Na haar zwangerschapsverlof hervat ze wel haar werk, maar ze heeft het moeilijk omdat haar zoon niet uit de fles wil drinken die haar vriend hem geeft. Ook haar moeder, die te hulp is geroepen, kan het kind niet overhalen om aan de speen te zuigen. Hij drinkt pas weer als Danya terug is van haar werk en hem 's avonds de borst kan geven. Ondertussen telt ze voor haar collega's als moeder minder mee en moet ze zelf de boer op om opdrachten te verwerven. Dat betekent dat ze veel onderweg is naar potentiële opdrachtgevers en soms pas tegen acht uur 's avonds thuis is.
Niet lullen, maar poetsen
Danya worstelt met deze voor haar onmogelijke keuze tussen kind en werk. Een andere, vergelijkbare situatie is dat je partner ziek wordt terwijl je ondertussen een reorganisatie of fusie moet begeleiden. Op de drukste momenten in je werk word je door privé-zorgen belaagd. Tot overmaat van ramp krijg je dan ook nog het advies om ‘prioriteiten te stellen'. Dat werkt volkomen averechts: snapt de ander niet dat je geen keus hebt en dat alles moet? Mensen die hierdoor in de problemen komen, zijn gewend om in oplossingen te denken en te handelen. Van hun ouders leerden ze in hun jeugd al dat je ‘niet moest lullen, maar poetsen'. Deze houding heeft ze ver gebracht, totdat het aanpakken vechten tegen de bierkaai werd.
Anders leren denken
Je kunt hier alleen uitkomen wanneer je overschakelt op een andere manier van denken, bijvoorbeeld door te accepteren dat je kwetsbaar bent en steun nodig hebt. Die aanpassing maakt je voor anderen - en misschien ook wel voor jezelf - een prettig(er) mens, waardoor je vanzelf meer hulp krijgt. Danya zag in dat ze zou opbranden als ze zich niet zou aanpassen. In plaats van iedereen te overtroeven met succesverhalen, vertelde ze nu voor het eerst dat ze het niet redde, ondanks de steun van haar moeder en vriend. Dat was een hele overwinning op zichzelf. Haar collega's wisten niet wat ze hoorden en hielpen haar met de acquisitie door haar veelbelovende leads door te geven. Haar baby bracht ze bij een gastoudermoeder, waar hij in gezelschap van andere kinderen en met voorbeeldgedrag om hem heen uit de fles dronk alsof het de gewoonste zaak van de wereld was. Een happy end? Dat ook weer niet. Het lukt Danya nog steeds niet om haar ambitie en moederrol goed te combineren. Ze voelt zich er niet plezierig onder. Moet ze omwille van de baby een baan dichtbij huis zoeken? Maar is dat wel eerlijk? Haar leidinggevende heeft haar een paar uur coaching aangeboden om te onderzoeken hoe ze ambitie en zorgen voor haar kind beter op elkaar af kan stemmen.
(staat ook op www.intermediair.nl)
07-12-2009 - Gezonde stress is lekker en ...
Een medewerker op een accountantskantoor draaide 25 jaar lang overuren. Hij werkte zestig uur per week en soms zelfs tachtig. Hij werd in 1997 vanwege burnoutklachten afgekeurd en krijgt sindsdien een WAO-uitkering. In 2001 stelde hij zijn werkgever aansprakelijk vanwege de materiële en immateriële schade die hij heeft geleden. In eerste instantie wees de rechter zijn vordering van 60.000 euro af. De accountant ging echter in beroep en het Hof in Den Bosch stelde onlangs vast dat hij een burnout had gekregen door overbelasting in het werk en dat de werkgever dit had moeten voorkomen.
Deze uitspraak is een opsteker voor mensen die door hun werk ziek zijn geworden. Maar misschien nog wel belangrijker is dat ook werknemers die dreigen uit te vallen er hun voordeel mee kunnen doen. Dat geldt voor mensen die nu veel te veel uren moeten draaien of die door gebrek aan personeel, bijvoorbeeld in de gezondheidszorg, veel onregelmatige diensten krijgen toegewezen. Zij kunnen hun werkgever erop wijzen dat hij veroordeeld kan worden vanwege het tekortschieten in de zorgplicht. En dat uit de uitspraak van het Hof blijkt dat een ziekteverzuimbeleid en medische en sociale begeleiding niet voldoende zijn om een veroordeling te voorkomen.
Waarschuwingssignalen
Zelf kunnen werknemers ook wat doen. Bijvoorbeeld klachten serieus nemen en letten op eerste signalen die duiden op dreigende uitval, zoals: - Geen zin meer hebben in het werk - Vermoeid opstaan, zelfs bij voldoende slaap - Snel geďrriteerd zijn - Vaker ziek zijn - Meer drinken of medicijnen gebruiken om zich beter te voelen Belangrijk is om dan gas terug te nemen, bijvoorbeeld door af te spreken dat je tijdelijk halve dagen werkt. Om te kunnen herstellen moet je goed voor jezelf zorgen: je conditie verbeteren, emotioneel in evenwicht zijn, een kalme geest hebben en een visie op wat belangrijk is voor jou in het leven. Dus niet denken dat je gefaald hebt en maar beter ontslag kunt nemen, maar je inspannen om grenzen te stellen, voor jezelf op te komen en dingen te doen die je energie geven.
Werkgever moet leren luisteren
De meeste mensen die een burnout krijgen, gaven hun werkgever signalen. Ze meldden dat ze de werkdruk niet meer aankonden. Werkgevers nemen vaak echter pas maatregelen als het leed is geschied en de werknemer ziek thuis zit. Schrijnend genoeg wordt zo'n medewerker soms door maar liefst twee mensen vervangen. Het scheelt al als de werkgever erkent dat de problemen zijn ontstaan doordat hij heeft gefaald en als hij samen met de werknemer de taken zo indeelt dat te veel stress niet meer voorkomt. Door de recente uitspraak van de rechter moeten werkgevers nu ook actief preventie bedrijven door de risico's van burnout onder de aandacht van hun medewerkers te brengen. Met een heldere boodschap: trek aan de bel als de werkdruk te hoog wordt.








Boeken
CD's
Burnout test
Forum
FAQ