Laatste wijziging: 6 september 2010
Ga naar de beginpagina  Chat Emailgroepen Zoeken op de website  Verstuur een e-mail  Bekijk de site in een printer-geschikte layout  Links Sitemap
 
Zingeving in de realiteit, Suzanne Otter
Coaching fietstocht naar Santiago
Slechte bazen kosten handen vol geld!!
Artikelen Marijke van den Berg
Artikelen Carla Vredeveld
Artikelen Enrico Kraijo
Artikelen Hubert Rampersad
Artikelen Luuc Christiaanse
Artikelen Joop van Oers
Burnout, depressie of.... osas?
Burnin-enquête Frank Schaper
Geen tijd voor Burnout, Frank Schaper
BO: harde les voor loyale werkers!
Gedichten



Zingeving in de realiteit

Artikel geplaatst op 12 januari 2008 en gewijzigd op 4 april 2008.

BE More zet zich voor kleinschalige projecten in ontwikkelingslanden die wel wat hulp kunnen gebruiken. De organisatie werkt met vrijwilligers die op één van de projecten van BE More aan de slag gaan.

Midden in het glooiende heuvellandschap van Lower Illovo ligt, verscholen tussen de suikerrietvelden, Mother of Peace. Mother of Peace werkt nauw samen met de Zuid-Afrikaanse overheid en de omringende community, om zo goed mogelijk te zorgen voor de kinderen die het 't hardst nodig hebben. Het is een thuis voor zo'n 50 kinderen, van baby tot 18, die zijn verlaten, seksueel zijn misbruikt, geen ouders meer hebben of om een andere reden niet meer thuis kunnen wonen. De kinderen wonen in kleine huisjes, elk met een huismoeder die voor ze zorgt.

Vrijwilligers helpen op allerlei manieren bij de opvoeding en verzorging van de kinderen. Zoals samen huiswerk maken, de kleintjes in bad doen, spelletjes, elkaar dingen leren, en nog veel meer. Bovendien helpen vrijwilligers bij het opleiden van de huismoeders, om ze bepaalde vaardigheden aan te leren: dagelijkse structuur, opvoeding, zorg voor de kinderen en ga zo maar door.

Suzanne Otter (1979)

Eén van die vrijwilligers van BE-More is Suzanne Otter. Haar inzet voor het project Mother of Peace is één van de zaken waar zij zich mee bezig houdt.

Daarnaast is zij momenteel parttime werkzaam in een modewinkel en vrijwilliger bij bureau jeugdzorg.

Van 31 maart tot 26 april is Suzanne in Lower Illovo, lees haar ervaringen bij het project Mother of Peace op haar weblog.
Sponsoren




Wilt u ook sponseren? Stuur dan een e-mail of maak uw donatie over naar: girorekening 3921898 tnv Suzanne Otter.


Na lang nadenken had ik het gevonden in 2002. De modebranche zou het worden. Welke vrouw vindt het niet leuk om met kleding bezig te zijn? Het gros van de vrouwen wel denk ik op enkele uitzonderingen daar gelaten uiteraard. En wat zou leuker zijn dan er mee te werken? Het vervolg was een aantal doelen voor de komende paar jaar die ik in deze branche wilde bereiken.. Ik zou de vertegenwoordiging in gaan. Ik besloot om te gaan solliciteren in een kledingwinkel om daar eerst eens kennis te vergaren. Het leek me wel zo belangrijk om alles vanaf onderaan te leren. Na anderhalf jaar was ik voor mezelf uitgeleerd in de winkel en wilde ik verder. Aangezien ik behoorlijk mijn babbel bij me heb en heel sociaal ben besloot ik te gaan werken als vertegenwoordigster bij een trendy damesmerk. Tot mijn ergernis kon ik niet gelijk als vertegenwoordigster aan de slag, maar wel als sales support.
Mijn inzet was behoorlijk hoog aangezien ik een doel voor ogen had. Binnen een half jaar werd mijn inzet beloond en werd ik vertegenwoordigster van een damesmerk.

Ondertussen ben ik daarna nog gewisseld van bedrijf totdat ik vorig jaar bij Esprit terecht kwam. De wisselingen waren niet voor niets geweest. Het enige wat ik wilde was leren leren leren om mijn functie zo veel mogelijk uit te breiden en om nog verder te komen in de modebranche. Het was pittig werk. Avonden en weekenden erbij werken werd als normaal gezien. Zolang je het leuk vond dacht je daar niet echt over na. Wanneer ik bij Esprit terecht kwam begon het te veranderen. De functie werd Areamanager genoemd. Er kwam meer verantwoordelijkheid bij kijken dan ik voorheen gewend was in een zelfde soort functie.
Dat was weer een stap vooruit. In het begin dacht ik serieus “dit is het”! Mijn doel was meer dan bereikt. Hier zou ik de komende tien jaar wel gaan blijven zei ik nog. Ik voelde me erg op mijn gemak in dit bedrijf. Ik had enorm leuke collega’s. Het hele plaatje klopte zou je denken. Het was wederom wel zwaar, maar ik had een leaseauto een laptop en telefoon van de zaak en een goed salaris. Helemaal voor elkaar zou je zeggen.

Na een half jaar begon er iets te veranderen in mij. Ik had al een paar jaar lichamelijke klachten waarvan niet bekend was waar ze vandaan kwamen. Eigenlijk nu ging ik er pas over nadenken dat het misschien wel eens met mijn werk te maken zou kunnen hebben. Ik had vaak last van mijn nek, rug en schouders wat een behoorlijke aanduiding van stress is. Daarnaast werd ik steeds opgefokter thuis en bij vriendinnen. Mijn hoofd stroomde over met van alles. Langzaamaan kreeg ik het gevoel dat ik ieder moment kon ontploffen. Na een gesprek met mijn manager was de conclusie dat ik het komende half jaar vier dagen zou gaan werken (minder was in deze functie niet mogelijk) zodat ik wat meer de tijd had om tot mezelf te komen. En tot mezelf kwam ik zeker! Ik realiseerde me steeds meer dat die stress symptomen niet eens zozeer van het harde werken kwamen dan wel van het werk doen tegen je gevoel in (ook al had ik dat zelf nog niet in de gaten, mijn lichaam probeerde me te waarschuwen). Hoe langer ik erover nadacht hoe meer aversie ik kreeg ten opzichte van de modebranche. Wat was het belang ervan? Wie had er nou werkelijk wat aan? Mijn persoonlijke ervaring is dat ik het heel oppervlakkig vond. Waarschijnlijk zullen veel vrouwen er anders over denken wat ik ook wel kan begrijpen, maar voor mij had het geen waarde meer.
Het werd me des te meer duidelijk toen ik op een avond RTL boulevard zat te kijken waarin een styliste zei dat wanneer je dat lakjasje aankomende winter niet in je kast zou hebben hangen dat je dan toch echt stylish niet verantwoord bezig was.
HOOO STOP!! Ging er door me heen. Dit ben ik niet, hier kan ik niet aan mee doen.
Targets najagen en zoveel mogelijk verkopen dat kon niet mijn leven zijn. Het zoog me leeg. Wel vond ik het in eerste instantie heel erg moeilijk om aan mezelf toe te geven dat dit het niet was voor mij. Alles wat ik jaren voor ogen had, een luxe leven met een top baan, leek ineens allemaal niet zo geweldig meer. Beangstigend vond ik het. Een gevoel van falen gaf het eerst tegenover mezelf. Sterker nog werd het idee van ‘wat moet ik nu dan gaan doen’?
Wat belangrijk werd was het gevoel om iets voor anderen te kunnen betekenen. Het gevoel om iets bij te dragen aan de wereld werd steeds sterker. Ik ben niet van plan om de wereld te verbeteren, maar wel om mijn eigen situatie in de hand te nemen en deze ten positieve om te zetten door iets te doen waar mensen iets aan hebben. Uit het werk dat ik deed haalde ik geen voldoening. Na veel lezen in de tijd die ik nu extra had doordat ik tijdelijk vier dagen werkte, kwam ik terecht bij een artikel in het tijdschrift Happinez. Daarin stond een interview met de oprichter van Be More. Hij beschreef de projecten die zij ondersteunen in Zuid-Afrika. Hetgeen wat mij trok was het feit dat je voor een kortere periode naar zo’n project kon gaan. Ik heb immers een lieve vriend hier en we hebben een huis met een hypotheek die betaald dient te worden, dus ik zou nooit voor een half jaar weg kunnen of willen. En meestal is het een periode van een half jaar dat je minimaal moet uittrekken voor vrijwilligerswerk in een ontwikkelingsland.
Ik kwam tot de conclusie ‘dit is het’! Het lijkt me geweldig om iets voor de kinderen in Durban te kunnen betekenen. Kinderen hebben vaak niet de middelen om voor zichzelf op te komen. Als ik daar een helpende hand kan zijn, dan graag! Buiten dat kreeg ik steeds meer het gevoel dat ik met kinderen zou willen werken. Op welk vlak weet ik nog niet. Dat zal wel in mij opkomen tijdens de reis naar Durban of in de vrije tijd die ik nu heb.

Een week later heb ik mijn baan opgezegd. Hier zou ik echt niet gelukkig van worden. Het half jaar was inmiddels verstreken, dus het was wel de bedoeling dat ik weer naar vijf dagen zou gaan. Dat benauwde me enorm. Logisch wanneer je het werk niet meer leuk vindt.
Om verder na te kunnen denken en uit te vinden wat het was wat ik zocht, had ik meer ruimte nodig. Ontslag nemen was onvermijdelijk en noodzakelijk. Er viel een last van me af.

Inmiddels ben ik drie maanden verder en werk ik tijdelijk bij de kledingzaak waar ik ooit begonnen ben. Je zou denken dat dit haaks staat op de beslissingen die ik heb genomen, maar de reden daarvoor is dat ik de mensen daar ken, het werk ken en dus verder alle ruimte heb om met mijn zoektocht en project bezig te zijn en niet weer aan een nieuwe omgeving hoef te wennen en nieuwe werkzaamheden eigen moet maken.
De auto, telefoon en laptop zijn ingeleverd, wat ik uiteraard best wel even moeilijk vond.
Mijn salaris is zeker gehalveerd met alle inperkingen van dien. Best wel even wennen nog. Ook voor mijn vriend waar ik veel respect voor heb, aangezien de consequenties van mijn keuzes tevens effect hebben op zijn leven. Maar hij vindt het helemaal geweldig wat ik ga doen en dat ik nu kies voor wat echt goed voor mij is.
Maar het belangrijkste is dat ik me vrij voel en mijn hoofd leeg heb kunnen maken.
Ik heb meer tijd om te genieten van de dingen om me heen. De tijd ging zo snel in mijn werk.
Ik wilde dat de tijd niet zo snel meer zou gaan en dat gaat het nu niet meer. Wat een fijn gevoel is dat. Ik heb weer meer ruimte voor mijn familie en vrienden en mijn vriend die toch echt allemaal de alle belangrijksten in mijn leven zijn. Het klinkt heel cliché, maar ik leef niet meer om te werken.